
‘Ze maken de stad Hengelo levendig’
CultuurDe haven van Hengelo is de grootste van Overijssel en een van de grootste binnenhavens van Nederland. Veel Hengeloërs weten niet anders dan dat de haven er ligt. Maar wat gebeurt er allemaal? En wie maken er gebruik van? Wat is de geschiedenis ervan? Om daar meer over te weten te komen, gaan Hans Bouma en Johan Koning op zoek naar de verhalen over de haven en de Twentekanalen.
HENGELO - In de eerste aflevering van deze serie waarin Kunstwerkplaats De Möllerwerf werd bezocht, vertelde Irma Bruggeman, directeur van de creatieve broedplaats aan de Oude Boekeloseweg én nachtburgemeester van Hengelo, over de mogelijkheden die de voormalige fabriekshal biedt. Mogelijkheden voor kunstenaars, voor creatieve ondernemers en voor scholieren, bijvoorbeeld. Maar er zit meer muziek in de locatie.
Letterlijk is er ook veel ruimte voor muziek in De Möllerwerf. Tijdens voorstellingen is er veel ruimte voor zang, dans en muziek en worden er regelmatig concerten – klassiek en pop – gehouden. En ook technofeesten. “Ook daarvoor is deze locatie natuurlijk uiterst geschikt. We zitten hier op een plaats waar geen mens last heeft van eventueel geluid. Al blijven we natuurlijk altijd fatsoenlijk.”
Hengelo moet nog aantrekkelijker worden, dat ziet Bruggeman ook wel als haar taak als nachtburgemeester. “Het creatieve klimaat was wel heel verschraald hier. Ik vond dat heel jammer, want we hebben een hele rijke creatieve klasse in Hengelo, met bijvoorbeeld de AKI in de achtertuin. Veel van de mensen die daarop hebben gezeten sinds 1945 zijn hier gebleven. We schijnen zelfs een van de dichtstbevolkte creatieve regio’s van Nederland te zijn. Ik zeg dat, omdat ik 15 jaar buiten de stad heb gewoond. Maar je hebt hier veel stadspoortdenkers, mensen die niet buiten de grenzen van de stad komen.”
Bruggeman denkt wel groots. “Dat is niet typisch Twents, nee”, lacht ze. Zo kwam ze op het idee van de Möllerwerf. “Ik wilde de creatieve klasse een werkplaats geven. Niet zozeer een toonzaal voor het publiek waar ze schilderijtjes konden kijken, maar juist een plek voor de kunstenaars zelf. Waar ze een werkschouw kunnen houden, of een presentatie kunnen geven, waar ze elkaar kunnen ontmoeten, kunnen experimenteren met elkaar. Groter kunnen werken dan in hun vaak kleine atelier. Een plek waar je manifestaties kunt houden, maar ook businessclubs kunt uitnodigen die workshops volgen.”
Ze vindt dat belangrijk. “Want een stad waar de creatieve klasse wegtrekt is gedoemd te mislukken. De creatieve industrie is belangrijk voor de leefbaarheid in de stad. Kijk naar Amsterdam, naar Berlijn. Dat soort steden zijn succesvol, omdat vrije denkers er de ruimte krijgen. De vrije denkers, dat zijn vaak de creatieven, de lhbtiq+-gemeenschap, de studenten. Ook het contact met andere steden is belangrijk – dat kan onder meer als je een haven hebt.”
“Wij in Hengelo hebben die mooie haven, een van de grootste binnenhavens van het land. En de bedrijven langs het water hebben die haven nodig. Bedrijvigheid zorgt er ook weer voor dat het economisch goed gaat, dat mensen in je stad willen wonen. De mensen in de stad hebben de bedrijven ook nodig, om er te kunnen werken. Het liefst wil ik voor Hengelo een Guggenheim-museum, bijvoorbeeld in het KMS-gebouw. Dat zou de 1,9 miljoen treinreizigers tussen Amsterdam en Berlijn een goede reden geven om uit te stappen. Dat ga ik natuurlijk in mijn eentje niet realiseren, maar het zal onze streek, onze stad, wel een lift geven. Zoals de haven dat ook al heeft gedaan. En zoals we met de Möllerwerf de creatieve sector toch ook een mooie boost geven.”
Dat Guggenheim-museum, dat het Spaanse Bilbao (een industriële stad die leegliep) een boost gaf, is niet de enige droom die de nachtburgemeester van Hengelo heeft. Ze heeft nog zo’n plan, waar de Twentekanalen en de Twentse havens een centrale positie in spelen. Daarover meer in een volgende aflevering.








