Foto:

Column Hans Mulder: Moeilijke keuze

  Column

Tijdens de wandeling met mijn hond liep ik vorige week langs de Grundel. Veel ouders met kinderen, die dit jaar na groep 8 de keuze voor een school voor voortgezet onderwijs moeten maken, bezochten de open dag. Het was er een drukte van belang. Na acht jaar basisonderwijs, de uitkomst van de eindtoets en vooral het advies van de basisschool moeten de kinderen in Nederland al op 12-jarige leeftijd een keuze voor een school voor voortgezet onderwijs maken.

Uit onderzoek van de Rijksuniversiteit van Groningen blijkt dat 70 % van de leerlingen na vier jaar nog op dezelfde school voor Vmbo, Havo, of Vwo zit. Van de rest is 20% overgestapt naar een lager onderwijstype en 10%naar een hoger. Op basis van de gegevens uit het onderzoek naar de verschillende onderwijsstelsels in Europese landen pleiten de onderzoekers voor een later schooladvies.

Voor veel kinderen komt het advies veel te vroeg omdat ze meer tijd nodig hebben om hun talenten beter te leren kennen. Juist op het moment kiezen dat voor veel kinderen de puberteit inzet is eigenlijk een slechte timing omdat er nog zo veel gaat veranderen. Later adviseren en kiezen zou vooral voor jongens en migrantenkinderen een voordeel kunnen opleveren.
Ik heb in Finland en Zweden gezien dat het ook anders kan. Daar gaan de kinderen als ze 6 jaar zijn naar de basisschool. Ze bezoeken 9 groepen en zijn gemiddeld vijftien jaar als ze overstappen naar 3 jaar voortgezet onderwijs. In Noorwegen hebben ze ook een dergelijk systeem. Daar gaan de kinderen van 13 tot 16 jaar naar de onderbouw van het voortgezet onderwijs. In IJsland duurt de basisvorming van 6 tot 16 jaar. De Scandinavische landen zijn hiermee een voorbeeld van hoe het systeem bij ons zou kunnen worden aangepast.

Vreemd dat we er in ons land, na 20 jaar bezoeken door deskundigen, er nog niets van geleerd hebben om veranderingen door te voeren.

Meer berichten